GROENE HEGGEN
Vooral in koude wintermaanden herinnert een vleug van groen ons eraan
dat de doodsheid schijnbaar is. Veel bladhoudende planten zijn echter
teerder dan hun bladverliezende soortgenoten. En in de schil van het
Fryske land die grenst aan de Waddenzee, overleven alleen sterke planten.
Vooral van zoutdragende, droge noord-westen wind hebben groenblijvers
soms veel te lijden. Toch zijn er wel een aantal soorten die hun nut kunnen
bewijzen.
Buxus sempervirens
is een oersterk, groenblijvend heestertje. Gegeven is zijn bijzonder
langzame groei. Dit kan zowel een voordeel als een nadeel zijn:
betrekkelijk weinig snoeiwerk, maar in de luwte zitten is er niet direct bij.
Een van de zwakke kanten van de Buxus is, dat hij wat moeite heeft met
zeer tochtige plekken. De Buxus is een plant, die graag mest heeft. Een
royale stikstofgift stelt hij op prijs (te verdelen over 3 keer, om de zes
weken, te beginnen bij ca. 20 mei). Soms ziet men aan de Buxus gele
randjes verschijnen. Ook dit heeft te maken met de bemesting: het is een
teken van kaliegbrek, ofvoor ons nog onbekende sporenelementen.
De Buxus is bijzonder geschikt als randbeplanting, voor het aanbrengen
van sprekende lijnen in de tuin, ook in de leine tuin. Ook als solitairplant is
hij populair, vanwege de vele vormen, waarin hij kan worden gesnoeid.
De plant houdt wel van kalk in de grond, kan op klei goed worden
aangeplant. Hij geeft voorkeur aan een vochthoudende (geen natte!!)
standplaats en kan zowel de volle zon als de schaduw verdragen.
Cultivars:
Buxus semp. 'Rotundifolia'. Bladeren groter dan de soort. Een iets groffere
palnt. Groeit sneller.
Buxus semp. 'Suffruticosa'. Groeit langzamer dan de soort. Geschikt voor
hegjes die echt klein moeten blijven.
Buxus microphylla 'Faulkner'. Bladeren helder groen, ook 's winters. Een
wat lossere groei dan de soort. Op Ferskaat worden meerdere soorten op
hun gebruikswaarde getest.
Ilex aquifolium
De Hulst is een sterke, groenblijvende plant met leerachtige bladeren, al
dan niet stekelachtig.
De struik verdraagt schaduw en is goed bestand tegen de wind. Hitte en
droogte worden minder goed verdragen. Een niet te natte standplaats op
de klei voldoet goed (grond luchtig houden).
De plant laat zich goed snoeien (bij voorkeur met snoeischaar).
Snoeimoment: augustus (en evt. juni).
In de eerste jaren alleen slordige zijscheuten wegnemen; de hoofdscheut
laten staan tot de gewenste hoogte bereikt is.
Cultivars:
Ilex aquifolium 'Alaska'. Smal opgaand; bladeren sterk gestekeld. Goed
besdragend en zeer winterhard.
Ilex aquifolium 'Argenteomarginata'. Bladeren wit gerand.
Ilex aquifolium 'Aureomarginata'. Bladeren gedeeltelijk gaafrandig; goed
besdragend.
Andere cultivars staan bij ons op proef.
Lavandula angustifolia
Een aantal cultivars van dit laagblijvende heestertje is geschikt voor het
maken van lage heggetjes, cq. randbeplanting. Geuren spelen in de tuin een
steeds belangrijkere rol. Wat dit betreft, houdt de Lavendel een naam
hoog. De Lavendel kent een rijke bloei in (violet)blauw, roze of wit. De
bladkleur is grijgroen.
De Lavendel is niet echt kieskeurig, als het om de bodem gaat. De grond
moet wel goed doorlatend zijnen niet te voedselrijk: de plant heeft een hekel aan een 'een natte
voet'. De Lavendel verlangt een beschutte, zonnige standplaats(!). Een
nadeel van de plant is, dat hij niet tegen te strenge winters kan. Afdekken
is dan geboden. Snoeien van Lavendel dient te geschieden in april. Dan maximaal
"halverhout"snoeien. (D.i.: in ieder geval nog een stuk van het kruid
cq de bladeren laten zitten.) Na de bloei dient de plant 'geschoren; te worden, om de groei van de nieuwe scheuten te
bevorderen. te diep snoeien is vaak dodelijk voor de Lavendel
Cultivars:
Lavandula angustifolia 'Edelweiss'. Bladeren grijzig groen. Bloemen wit,
in lange trossen. Nieuwe cultivar.
Lavandula angustifolia 'Hidcote'. Bloemen diep paars-blauw. Hoogte ca.
50 cm.
Lavandula angustifolia 'Munstead'. Bloemen purper blauw. Doogte ca. 45
cm.
Lavandula angustifolia 'Rosea'. Bloemen zeer licht lilaroze. Hoogte ca. 50
cm.
Ligustrum ovalifolium
De Liguster heg is een uitstekende windbeschermer. Eveneens is de plant
goed wind- en zoutbestendig. Het soms wat saaie imago is
hoogstwaarschijnlijk veroorzaakt door opa's fanatieke knipperij. Een wat
lossere groeiwijze laat de plant bloeien en vervolgens verschijnen de
talrijke zwarte besjes.
De plant stelt geen eisen aan de grondsoort. Een te natte standplaats wordt
minder gewardeerd
Met elfstedentochtwinters willen de bladeren weleens bevriezen: volgend
voorjaar komen ze in de regel zonder problemen terug. Snoeien kan in
iedere gewenste vorm. Goed terugknippen bevordert de bossigheid.
De goed- en zilverbonte cultivars (L.o.Aureum; L.o.Argenteum) groeien
langzamer en zijn wat teerder dan de soort. Een goede gele soort is de L.
vicaryi: zeer winterhard.
Lonicera nitida (CV)
De Lonicera (Kamperfoelie) is een uitgebreide plantenfamilie.
Klimplanten, bladverliezende en ook bladhoudende heesters behoren ertoe.
De Lonicera nitida Cultivars zijn bladhoudende struiken waarmee prima
heggen kunnen worden gevormd.
De L. nitida Cultivars zijn probleemloze planten. Bepaalde soorten zijn
zeer winterhard. Over het algemeen kunnen de struikjes goed tegen zout en
zeewind. Ze worden middelmatig hoog(0.5- 1.5 meter). Ze kunnen
aangeplant worden op zonnige plekken, maar gedijen ook in de schaduw.
Aan de grond worden geen bijzondere eisen gesteld.
De beste planttijd is maart / april. Bij planting de planten 1/3 terugsnoeien.
Voor een goede bossigheid dit een jaar later herhalen.
Cultivars:
Lonicera nitida 'Elegant'. Goede heggenstruik. Hoogte ca 1.25 m. Gebogen
takken; Bladeren eirond. Bloemen klein: Groengeel. Bessen: Glanzend
violet.
Lonicera nitida 'Hohenheimer Findling'. Sport uit Elegant. Beter
winterhard.
Lonicer nitida 'Maigrün'.Groeiwijze compact. Zeer goed snoeibaar.
Bladeren glanzend groen; in winter langer aanblijvend.
Mahonia aquifolium
Voor een ongeveer 1 meter hoge heg is de Mahonia een geschikte plant.
Over het algemeen goed winterhard. Het blad verandert in de winter van
kleur: naar brons /bruinrood.
In het voorjaar bloeit de Mahonia met gele trossen. De planten zijn
redelijk zoutbestendig, groeien op meerdere grondsoorten en verdragen de
schaduw goed. Snoeien dit te gebeuren na de bloei.
Mahonia aquifolium 'Apollo' is een laagblijvende cultivar, geschikt voor
rand- en vakbeplanting; deze valt op door vaak zeer uitbundige bloei.
Prunus laurocerasus 'Rotundifolia'
De 'gewone'Laurierkers is geschikt voor brede en hoge hagen. De plant
houdt van een wat 'warmere'grondsoort. Op koude slempige klei voelt hij
zich wat minder thuis. Ook is het blad zoutgevoelig. Dit is te zien aan
bruinverbrande randen om het blad. Zout- en windinvloeden maken de
bladeren 's winters bruingeel. Op luwe plaatsen en op plekken waar de
directe invloed van de zee afneemt, kan de laurierkers zijn diensten
bewijzen. Prunus l. Caucasica en Pr. L. Greenpace zijn aanzienlijk sterker
dan de soort. Op FERSKAAT houden deze stand.
Elaeagnus ebbingei
Sterker dan de Prunus is de Elaeagnus ebbingei. Met zijn dofgroen
blad met zilveren onderzijde is de plant zowel geschikt voor de ietwat lossere
heg, alsook voor een meer geknipte vorm. Geplant in lossere grond is het een
goede groeier. De goede snoeitijd is eind mei, na de (onopvallende) bloei. Deze
plant kan tot dicht aan de zee (bijv. Harlingen; Julianadorp) worden aangeplant.
Ook te noemen zijn:
Berberis buxifolia 'Nana . Zeer laagblijvend.
Euonymus fortunei 'Emerald 'n Gold'. Geschikt voor randbeplanting.
Pyracantha (enkele soorten en cv's)
Vragen of reacties n.a.v. dit artikel?? Mail!!